Huisartsen niet echt voorstander van electronisch EPD

11 november 2008

Huisartsen waarschuwen patiënten via mededelingen in de wachtkamer tegen mogelijke nadelige gevolgen van het elektronische patiëntendossier (EPD). Ze stellen dat bezwaar maken te omslachtig is, en mogelijke nadelen op de achtergrond blijven. Op brieven die in Amsterdamse huisartsenwachtkamers hangen, waarschuwen de artsen dat mensen die niet in het EPD opgenomen willen worden, dat in tegenstelling tot bij orgaandonatie, op een 'buitengewoon omslachtige manier' kenbaar moeten maken, schrijft het Parool. De huisartsen stellen dat de veiligheid van medische gegevens onvoldoende is gewaarborgd en dat bij misbruik onduidelijk is wie er verantwoordelijk is. Ze klagen daarbij dat er onvoldoende formulieren naar Nederlandse huishoudens zijn verstuurd, en dat mensen die zonder er een te hebben gekregen toch bezwaar willen maken, een formulier moeten downloaden. Bij het bezwaar moeten mensen een kopie van hun identiteitsbewijs meesturen, en indien het bezwaar ook hun kinderen betreft, uittreksels uit het bevolkingsregister. Voor 15 december moet alles zijn opgestuurd. Minister Klink van Volksgezondheid wil dat het EPD in september volgend jaar is ingevoerd. Huisarts David de Boer en advocaat Saskia Reuling beschuldigen Klink in het NRC van het onderdrukken van de discussie over mogelijke nadelige gevolgen van EPD, om zijn zin door te kunnen drukken. Wanneer na 15 december namelijk blijkt dat slechts weinig burgers bezwaar hebben gemaakt tegen opname in het EPD, zou de minister dat willen gebruiken in de discussie met de Tweede Kamer.


Onterecht: doordat de voorlichting aan het publiek eenzijdig en gemankeerd is én het maken van bezwaar omslachtig, creëert de minister bij voorbaat de door hem gewenste uitkomst. In de brief wordt bovendien de suggestie gewekt dat het maken van bezwaar nadelige gevolgen kan hebben. Wat het EPD zelf voor nadelige gevolgen kan hebben wordt onvermeld gelaten, terwijl dát nu juist het punt is waarom de discussie moet gaan. Is het systeem wel waterdicht en kan geen misbruik worden gemaakt van deze zeer privacygevoelige informatie door onbevoegde derden, waaronder verzekeringsmaatschappijen? Volgens de kenners is het kraken van het EPD-systeem niet ingewikkeld. Tot het bewijs van het tegendeel is geleverd moet er dus rekening mee worden gehouden dat vertrouwelijke gegevens veel eenvoudiger dan nu het geval is kunnen worden verkregen door instanties als ziekte- en arbeidsongeschiktheidsverzekeraars. Maar ook door de farmaceutische industrie, overheidsinstanties en willekeurige derden. Onvoldoende digitale beveiliging is schering en inslag en voordat een belangrijk project als het EPD wordt ingevoerd dient hierover maximale duidelijkheid en zekerheid te bestaan. Daarvan is op dit moment geen sprake. Ook de aanname in de brief dat door het EPD minder fouten zullen worden gemaakt, is twijfelachtig. Bij de invoer van gegevens kan immers ook van alles mis gaan. Een computer volgt wat de mens doet. De foutenbron blijft afhankelijk van menselijke handelingen. Bij een computersysteem is bovendien een ingevoerde fout moeilijker te herstellen, omdat meer handelingen vereist zijn juist in verband met de beveiliging. Daar komt bij dat in de arts-patiëntrelatie er ook een belangrijke verantwoordelijkheid bij de patiënt zelf ligt om informatie te verstrekken. Ook heeft de patiënt het recht om op bepaalde momenten en bij bepaalde artsen niet altijd zijn volledige ziektegeschiedenis op tafel te leggen. Tot slot suggereert de brief van minister Klink dat de zorgverleners achter het EPD staan. Dit is in strijd met de waarheid. Zo heeft de Landelijke Huisartsen Vereniging kortgeleden een brief gestuurd aan alle huisartsen in Nederland waarin juist wordt gewaarschuwd voor de invoering van het systeem op korte termijn. Een citaat uit die brief: 'De resultaten zijn echter nog niet van dien aard dat wij het verantwoord vinden om op korte termijn met het EPD te gaan werken'. Klink doet het voorkomen alsof het EPD al werkzaam is. De praktijk is helaas veel weerbarstiger: zelfs op regionaal niveau lukt het nog steeds niet alle huisartsensystemen betrouwbaar te ontsluiten voor de huisartsenposten. In de regio Twente waar een pilot is gedaan met het EDP liepen enthousiaste huisartsen tegen dusdanige problemen op dat men wilde stoppen met de medewerking aan het project. Terwijl diverse pilots liepen en men grote problemen tegenkwam werden door het ministerie flyers verstuurd, waarin men deed voorkomen alsof het EPD in proefregio’s een groot succes was. Deze stonden vol hele en halve onwaarheden: pure propaganda. Bovendien kost invoering veel geld. De stap naar een grootschalig landelijk systeem kan pas worden gezet wanneer blijkt dat het op regionaal niveau goed functioneert en veilig is. Voor de enkele patiënt die bijvoorbeeld in Zeeland comateus wordt opgenomen mag men overdag contact met de praktijk opnemen en ’s avonds met de huisartsenpost: daar is geen duur landelijk project voor nodig. De minister meet de voordelen van het EPD breed uit. Over de risico’s wordt in alle talen gezwegen. Een aantal juridische zaken zijn niet geregeld. Moeten wij ons nu zorgen gaan maken om een leugenachtige, onbetrouwbare overheid ?

Share This:

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *